Dutch example sentences with "duur"

Learn how to use duur in a Dutch sentence. Over 100 hand-picked examples.

Gerechtigheid is duur.

Het probleem is dat het te duur is.

Dat is te duur!

Die gitaar is zo duur dat ik hem niet kan kopen.

Steeds wanneer ik iets vind dat me bevalt, is het te duur.

Een piano is duur, maar een auto is duurder.

Het probleem is, dat zonne-energie te duur is.

Goede raad is duur.

Het is erg duur de laatste mode te volgen.

Het is niet duur.

Hoe duur is het?

Die gitaar is zo duur dat ik ze niet kan kopen.

De reis was heel duur.

Ik vrees dat deze plaats iets te duur is.

Deze auto is heel duur.

Deze wagen is te duur voor mij om te kopen.

Dit televisietoestel is groot en duur.

Hebt u er die minder duur zijn?

Zijn fototoestel is drie keer zo duur als het mijne.

Ik kan het mij niet veroorloven om in zo'n duur restaurant te eten.

Het is te duur.

Mijn moeder verkocht alles wat haar dierbaar was en duur.

Als ge denkt dat ontwikkeling duur is, kijk dan eens hoeveel onwetendheid kost.

Ik kan het mij niet veroorloven in zo een duur restaurant te eten.

Mijn horloge is minder duur dan het uwe.

Het is erg duur.

Bouwmaterialen zijn tegenwoordig heel duur.

Waarom kocht je zo'n duur woordenboek?

Dit horloge is duur.

Wat ze kocht was heel duur.

Elk polshorloge is goed, als het maar niet duur is.

Dat is zeer duur!

Het is een goed restaurant, maar wel behoorlijk duur.

Als die gitaar niet zo duur zou zijn, kon ik haar kopen.

Het was niet duur.

Dit restaurant is te duur.

Dat is niet duur.

Dit is niet duur.

De brieven die met een speciale koerier gestuurd worden, zijn nogal duur.

De oorzaken van kanker onderzoeken is zeer duur.

De blauwe auto is duur.

Ik zou het kopen, maar het is te duur.

Alles aan zee is betoverend en duur.

In Japan wonen is duur.

Dat ziet er duur uit.

Waarom zijn schoolboeken zo duur?

Het is niet zo gek duur.

Dit mooi huis is zo duur dat wij kunnen het niet kopen.

Het kan duur zijn.

Deze mobiele telefoon is heel duur.

Vlees is duur.

Het vlees is duur.

Een huwelijk is duur.

Het zou duur kunnen zijn.

Deze laarzen zijn duur.

Het was niet zo duur als ik had verwacht.

Het is zeer duur.

Dat is heel duur.

Dit jacht is erg duur.

Het is duur om een kantoor te huren in het centrum van Boston.

Waarom kocht je dat duur woordenboek?

De pret was niet van lange duur.

Die schoenen lijken me te duur.

De kamers in dat hotel zijn te duur.

Justitie is duur.

Ieder horloge is goed zolang het niet te duur is.

De Japanse regering drukt er steeds op dat kernenergie minder duur is dan andere energiebronnen.

De beste dingen in het leven zijn duur.

Ervaring is de beste leermeester. Slechts - het studiegeld is duur!

Ik kan dit boek niet kopen. Het is te duur.

Huwelijkskleding huren is duur.

Tom droeg een duur pak.

Hoe duur is de toegangsprijs?

Het diner was duur.

Het restaurant waar we naartoe gingen was niet te duur.

Vis is duur.

Het eten van de hond is duur.

Hondevoer is duur.

Die donskussen ziet er duur uit.

Deze tafel is duur.

Een piano is duur.

De piano is duur.

Wauw! Piano's zijn duur.

Dit woordenboek is duur.

Het eten in dit restaurant is erg duur.

Hoe duur!

Aardbeien zijn in de winter duur.

Frambozen zijn heel duur.

Die muis is duur.

Restaurants zijn duur.

Is het restaurant duur?

Dat restaurant is te duur.

Dat restaurant is niet duur.

Dat is een duur restaurant.

Op den lange duur heeft heeft slechts de bekwame geluk.

Dat is te duur.

Houten stoelen zijn duur.

Het leven in dit land is de laatste maanden behoorlijk duur geworden.

Ze gingen lunchen in een duur restaurant.

Kaartjes voor de opera zijn hier erg duur.

Wat duur!

Also check out the following words: ook, vleesbouillon, altijd, geloofd, hartaanval, aankondiging, ophanden, zijnde, overlijden, Hallo.