Dutch example sentences with "tegen"

Learn how to use tegen in a Dutch sentence. Over 100 hand-picked examples.

Het onderwijs in deze wereld valt me tegen.

Het probleem was dat ik niets tegen hem te zeggen had.

Ik zei tegen mezelf: dat is een goed idee.

Alle beschaafde landen zijn tegen oorlog.

"Het is goed dat ik vertrek," zei ze tegen Goerov. "Dat is ons lot."

Ben je voor of tegen abortus?

Ik vocht tegen de slaap.

Ze drukte haar neus tegen de ruit.

Later, toen ze weg waren gegaan, was er geen levende ziel meer te bekennen op de kade, de stad met zijn cipressen leek totaal uitgestorven, maar de zee bruiste nog en sloeg tegen de kust.

Ik kwam dat restaurant toevallig tegen.

De Katholieke Kerk is tegen echtscheiding.

Ik ben tegen ieder soort oorlog.

Niet lang daarna kwamen we elkaar weer toevallig tegen.

Ik kan niet meer tegen deze pijn.

Als jij nou zegt: "Ik hou van jou," dan zeg ik dat ook tegen jou.

Ida was uit haar humeur omdat ze voor haar rijexamen was gezakt. Haar broer wilde haar wat opbeuren met een grap, maar die schoot bij haar in het verkeerde keelgat, waardoor ze tegen hem uit haar slof schoot.

Ik kan niet langer tegen die kou.

O mijn kleine zusje, waarom zeg je niets tegen me?

Ruim drieduizend mensen hebben hun handtekening gezet om de sloop van dit historische pand tegen te houden.

Veel mensen weten niet dat antibiotica niet effectief zijn tegen virusziekten.

Schreeuw niet tegen me.

Ze zeiden tegen ons dat we vanwege de sneeuw naar huis mochten gaan.

Zeg zodra u contact opneemt met uw vrienden tegen ze dat er een lawine komt.

Heeft u moeite te verstaan wat vrouwen of kleine kinderen tegen u zeggen?

Er zal zeker bezwaar zijn tegen je voorstel.

Wat een verrassing je hier tegen het lijf te lopen.

Ik heb gezworen nooit meer tegen haar te praten.

De meisjes hadden bezwaar tegen ons plan.

Ze zei "dank u wel voor de maaltijd" tegen de kok.

Ik vond het moeilijk om vriendelijk te zijn tegen de anderen.

Zeg alstublieft hallo tegen hem van mij.

Hou hem niet tegen.

Het is moeilijk praten tegen hem.

Je moet beleefd zijn tegen ouderen.

Een hond blaft tegen vreemden.

Ik praat niet tegen jou, maar tegen de aap.

Ik praat niet tegen jou, maar tegen de aap.

De beklaagde ging zonder aarzelen in beroep tegen de uitspraak.

De mensen die in dat land woonden, waren niet in staat om hun leiders tegen te spreken.

Als je zo tegen me doet, zeg ik niets meer.

De Normandische overwinning tegen Engeland heeft een grote invloed gehad op de Engelse taal.

"Waar zal ik hierna heen gaan?" zei ze tegen zichzelf.

Door onoplettendheid botste ze met haar auto tegen de paal.

"Daarin zou ik er als een echte James Bond uitzien," zei Dima tegen zichzelf, en ging toen de winkel binnen.

Peiling: 37% van de Amerikanen is tegen het bouwen van een moskee in New York.

Tegen de tijd dat hij 966 probeerde, begon Dima de hoop op te geven.

Waarop reageer je zo tegen haar woord?

Look en ui zijn goede middelen tegen een verkoudheid.

Neen, ik zal nooit liegen tegen hem.

Ik had wind tegen.

Manchester United speelt tegen Bolton.

Ik moet het misschien niet tegen je zeggen, maar ik ben echt gefascineerd door jouw schoonheid.

Zulke aardige mensen als jij kom je maar zelden tegen.

In mijn droom kwam ik een wolf tegen.

We lopen hen soms tegen het lijf.

Zeg "Dag" tegen uw vrienden.

Ken heeft tegen mij gewonnen met schaken.

De zieke wou eten, tegen het verbod van de dokter in.

Vecht tegen de zonde, maar raak niet aan de zondaar.

Katholieken zijn tegen geboortecontrole.

Lincoln was tegen de slavernij.

Ge moogt weggaan, op voorwaarde dat ge tegen vijf uur terug zijt.

Probeer niet te vechten tegen de bierkaai.

Ge moet zeker tegen zondag klaar zijn.

"Laten we gaan" zei hij tegen mij.

Ze gaf mij haar woord dat ze tegen negen uur thuis zou zijn.

Haar houding staat mij tegen.

Dat werk moeten tegen morgen gedaan zijn.

Ze droeg een dikke mantel tegen de kou.

Veel landen hebben strenge wetten tegen gedroogde kruiden.

Het best komt hij daar tegen morgen aan.

Hij werkt mij in alles tegen.

Lieg niet tegen mij.

Wat doet men tegen het bederven van de melk?

Hij stootte zijn hoofd tegen het plafond.

Er bestaat geen redding tegen een slechte vrouw.

Hij heeft altijd de zwakken gesteund tegen de sterken.

Eindelijk komen we elkaar tegen! Ik heb lang naar dit ogenblik verlangd.

Ik drukte hen tegen de muur.

Bob is vriendelijk tegen de mensen in zijn omgeving.

Hij werd zanger tegen de wil in van zijn ouders.

We kwamen elkaar toevallig tegen.

Hij moest tegen zijn wil het contract ondertekenen.

Hoe durft ge op zo een toon tegen mij spreken?

Doe hersengymnastiek bij TATOEBA tegen verkalking.

Tegen ons zei hij geen woord.

We hebben een campagne gestart tegen het roken.

Probeer vooral vriendelijk te zijn tegen de oude mensen.

Hij is vriendelijk tegen mij.

Tegen het einde van de excursie hadden we al erg veel dorst.

Hij verzette zich tegen de mening van zijn baas.

Ik ben tegen dit project.

We komen hem soms tegen in de club.

Ik moet tegen morgen enkele essays schrijven.

Als we zo voortgaan, botsen we nog tegen de muur.

Hij zocht beschutting tegen de regen.

Ik moet het werk af hebben tegen vier uur.

Hij heeft tegen mij gelogen, daarom ben ik kwaad op hem.

Hoe dan ook moeten we daar tegen zijn. Dat is een feit.

Wij geven u een inenting tegen hondsdolheid.

Ik geef u een inenting tegen tetanus.

Also check out the following words: voorstelling, zult, genieten, helaas, vroeg, Sorry, appel, rood, gitaar, kopen.