By using this site, you agree that we're using cookies to save preferences and for telemetry data such as Google Analytics.

← Conjugate another Dutch verb

Dutch verbs starting with M

All 178 verbs. Click to view a conjugation table.



maaien, macadamiseren, macereren, machtigen, maffen, magnetiseren, mainteneren, majoreren, makelen, maken, malen, mallen, maltraiteren, malverseren, mandateren, mangelen, manifesteren, manipuleren, manken, mankeren, manoeuvreren, maquilleren, marchanderen, marcheren, marginaliseren, marineren, markeren, marlen, marmelen, marmeren, maroderen, martelen, maskeren, massacreren, masseren, massificeren, masten, mastieken, masturberen, materialiseren, mathematiseren, matigen, matten, matteren, maximaliseren, maximeren, mazelen, mazzelen, meanderen, mechaniseren, mededelen, medicaliseren, medicineren, mediteren, meebrengen, meedelen, meelopen, meeluisteren, meemaken, meerderen, meeregeren, meerijden, meesmuilen, meespelen, meesteren, meevallen, meevoelen, meevoeren, meieren, mekkeren, melden, melen, melken, memoreren, memoriseren, menageren, mendelen, menen, meneren, mengelen, mengen, menstrueren, merceriseren, meren, mergelen, merken, mesten, metalliseren, metamorfoseren, metastaseren, meten, metselen, meubelen, meubileren, meuken, meuzelen, middelen, mieren, mieteren, miezeren, migreren, mijden, mijmeren, mijteren, mikken, milderen, militariseren, millimeteren, minachten, minderen, mineraliseren, minimaliseren, miniseren, minnen, misbruiken, misdrijven, misduiden, misgelden, misgeven, misgunnen, mishandelen, misleiden, mislukken, mismeesteren, mispakken, mispeuteren, missen, missioneren, mitigeren, mitrailleren, mobiliseren, modden, modderen, modelleren, modereren, moderniseren, modificeren, moduleren, moederen, moeien, moeren, moeten, moffelen, mogen, moireren, mokeren, mokkelen, mokken, molesteren, mollen, mommelen, mompelen, monkelen, monopoliseren, monsteren, monteren, mopperen, moraliseren, morrelen, mortelen, morzelen, motiveren, motoriseren, motregenen, mousseren, moveren, multipliceren, mummelen, mummificeren, munten, murmelen, murmureren, musiceren, muteren, mutileren, mystificeren, mythologiseren, mêleren.